Butia odorarata en Butia capitata

Botanische omschrijving

Het is belangrijk om hierbij een botanische nuance te maken. De naam Butia capitata wordt in de tuinhandel nog vaak gebruikt, maar voor vrijwel alle palmen die in Europa worden verkocht is dit niet de correcte naam. De palm die in België en Nederland het meest wordt aangeplant, is Butia odorata. De echte Butia capitata is een zeldzame soort uit een kleiner verspreidingsgebied in centraal Brazilië en wordt slechts sporadisch gekweekt.

Butia odorata (synoniem in de tuinhandel: Butia capitata) – Geleipalm

Butia odorata (geleipalm) is een groenblijvende veerpalm uit de familie Arecaceae. De soort is van nature afkomstig uit het zuiden van Brazilië en Uruguay, waar zij groeit in open graslanden, kustgebieden en licht golvende landschappen met zandige of stenige bodems. Dankzij haar sierlijk overhangende blauwgroene bladeren, goede winterhardheid en eetbare vruchten behoort Butia odorata tot de meest geliefde winterharde vederpalmen voor tuinen in gematigde klimaten.

De palm ontwikkelt een stevige, solitaire stam die doorgaans 3 tot 6 meter hoog wordt, maar onder ideale omstandigheden een hoogte van ongeveer 8 meter kan bereiken. De stam heeft een diameter van 40 tot 60 centimeter en is bedekt met de karakteristieke resten van oude bladvoeten, waardoor een decoratief ruitvormig patroon ontstaat. Naarmate de palm ouder wordt, verdwijnen deze bladresten geleidelijk en krijgt de stam een ruwer, grijsbruin uiterlijk.

De kroon bestaat uit 20 tot 40 lange, elegant overhangende geveerde bladeren die een lengte bereiken van 2 tot 3 meter. De bladeren zijn blauwgroen tot zilvergrijs van kleur en bestaan uit honderden smalle deelblaadjes die in een V-vorm langs de bladspil zijn geplaatst. Hierdoor ontstaat een sierlijk, licht gebogen silhouet dat deze palm direct herkenbaar maakt. De bladstelen zijn stevig en voorzien van korte, scherpe stekels aan de basis.

Butia odorata is een eenhuizige palm. De bloei vindt plaats in het late voorjaar of de vroege zomer. Tussen de bladeren verschijnen grote, vertakte bloeiwijzen die worden omgeven door een stevige, houtachtige bloeischede. De bloemen zijn geel tot crèmegeel van kleur en trekken talrijke bijen en andere bestuivende insecten aan.

Na de bloei ontwikkelen zich eivormige tot ronde vruchten met een diameter van ongeveer 2 tot 4 centimeter. Ze verkleuren tijdens de rijping van groen naar geel, oranje of oranjebruin en verspreiden een aangenaam zoete geur. Het sappige vruchtvlees heeft een aromatische smaak die doet denken aan abrikoos, ananas, perzik en citrusvruchten. De vruchten worden vers gegeten of verwerkt tot confituur, sap, likeur, ijs en de traditionele Braziliaanse gelei waaraan de palm haar Nederlandse naam ‘geleipalm’ dankt.

Butia odorata groeit het best op een zonnige standplaats in een goed doorlatende bodem. De soort verdraagt zandige, kalkrijke en stenige gronden uitstekend en is, eenmaal goed ingeworteld, zeer droogtetolerant. Regelmatige watergift tijdens warme zomers stimuleert echter een snellere groei en een vollere kroon.

De geleipalm behoort tot de winterhardste geveerde palmen. Volwassen exemplaren verdragen doorgaans temperaturen van ongeveer –10 tot –12 °C zonder noemenswaardige schade. Kortstondig kunnen gezonde, goed gevestigde exemplaren zelfs temperaturen tot ongeveer –14 °C verdragen, mits de bodem goed gedraineerd is en het groeipunt droog blijft. Jonge planten zijn gevoeliger voor vorst en profiteren van winterbescherming tijdens de eerste jaren.

Door haar elegante blauwgrijze bladeren, sierlijke kroon, eetbare vruchten en relatief goede winterhardheid is Butia odorata een van de mooiste geveerde palmen voor exotische tuinen in Noordwest-Europa. De palm vormt een indrukwekkende solitaire blikvanger en combineert uitstekend met winterharde bananen, Trachycarpus-soorten, Agaven en mediterrane beplanting.

Het is belangrijk om hierbij een botanische nuance te maken. De naam Butia capitata wordt in de tuinhandel nog vaak gebruikt, maar voor vrijwel alle palmen die in Europa worden verkocht is dit niet de correcte naam. De palm die in België en Nederland het meest wordt aangeplant, is Butia odorata.